Open brief

Het einde van 10 jaar Vrouwenstudies in Vlaanderen?

Open brief aan de rectoren van alle Vlaamse universiteiten

Vanaf het academiejaar 2006-2007 liet de Voortgezette Academische Opleiding (VAO) Vrouwenstudies geen nieuwe studenten meer toe. Huidige of ex-studenten konden de opleiding (een samenwerkingsverband tussen verschillende Nederlandstalige universiteiten) nog wel afmaken, maar daarna hield de opleiding, die vanaf december 2006 geen toelage meer ontving en nooit structurele steun van de universiteiten zelf kreeg, er na 12 jaar bestaan mee op.

Sophia vzw, Belgisch coördinatienetwerk voor vrouwenstudies, wilde zich niet bij de situatie neerleggen en schreef daarom in september 2006 een open brief gericht aan de rectoren van alle Vlaamse universiteiten.

In augustus 2007 besliste Sophia om de petitie nog niet af te sluiten. Onze voorstellen werden tot op heden niet echt in overweging genomen, maar ze lijken ons nog steeds relevant. Daarom kan u vrienden, collega's en kenissen nog steeds aansporen de open brief te ondertekenen.

Hieronder leest u de open brief, klik om de stand van zaken van 27 augustus te lezen.

Open brief

Vrouwenstudies waren in de jaren '70 het antwoord op de roep van vrouwenbewegingen voor een 'andere universiteit' waarbinnen kritische en sociaal relevante kennis centraal zou staan. De voorbije dertig jaar ontwikkelden deze studies zich tot een volwaardig en multidisciplinair kennisdomein. Concepten en kritieken die ontwikkeld werden binnen vrouwenstudies beïnvloedden tal van academische disciplines: literatuurwetenschappen, sociologie, antropologie, biologie, geschiedenis, recht, economie, psychologie, filosofie, geneeskunde… Het denkwerk binnen vrouwenstudies over machtsongelijkheid bleek een onmisbare voedingsbodem voor het gelijkekansen- en diversiteitsbeleid en drong door in tal van andere maatschappelijke geledingen: onderwijs, bedrijfsleven, vakbonden, welzijnswerk, enzovoort.

Ondanks dit sterke palmares, academisch en maatschappelijk, kreeg Vrouwenstudies – waar gaandeweg 'genderstudies' aan toe werd gevoegd – in België nauwelijks ondersteuning. Van de gespecialiseerde onderzoekscentra, wetenschappelijke tijdschriften, leerstoelen en colloquia aan universiteiten in de Angelsaksische en Scandinavische landen, in Nederland of Duitsland en in toenemende mate zelfs Centraal Europese landen kunnen we in België slechts dromen. Nu de enige volwaardige academische opleiding Vrouwenstudies bovendien dreigt te verdwijnen, vinden we het tijd om aan de alarmbel te trekken.

De Voortgezette Academische Opleiding (VAO) Vrouwenstudies ontstond 10 jaar geleden dankzij een interuniversitair bestuursakkoord tussen de universiteiten van Antwerpen, Gent, Brussel, Leuven en Hasselt. Erkenning of (financiële) steun van de universitaire overheden kwam er evenwel niet of nauwelijks: de opleiding draaide op de vrijwillige inzet van de professoren en op een subsidie van de Minister van Gelijke Kansen. Met die subsidie valt in december 2006 ook het beetje administratieve omkadering van de opleiding weg. De organisatoren en docenten zien zich dus gedwongen de opleiding af te bouwen en stop te zetten. Niemand zal verwachten dat een universitaire masteropleiding zich handhaaft dankzij de vrijwillige inzet van een handvol enthousiastelingen.

Ondanks haar precaire status heeft de opleiding de afgelopen 10 jaar heel wat vruchten afgeworpen. De opleiding heeft een hele generatie expert/e/s inzake gelijke kansen en genderkwesties geschoold. Vele oud-studenten kwamen terecht in beleidsorganen of op kabinetten, of doctoreerden in 'gender'onderwerpen. Anderen namen de opgedane kennis mee naar het onderwijs, de socio-culturele sector, de vakbonden, ngo's, de professionele vrouwenorganisaties, het bedrijfsleven, enzovoort.

De vraag die bij het wegvallen van deze opleiding rijst is dan ook: waar gaan deze sectoren binnenkort de genderexpertise halen die nodig is om adequaat om te gaan met de verschillende positionering van vrouwen en mannen (‘gender’)? Het gaat om tal van dossiers die zowel de politieke wereld als het ruime maatschappelijke leven beroeren: het eindeloopbaandebat, de 'vervrouwelijking' van armoede, de ondervertegenwoordiging van vrouwen in de politiek, in hogere echelons van de universiteit en het bedrijfsleven en in tal van andere maatschappelijke domeinen, seksueel geweld thuis en op het werk, de positie van minderheidsvrouwen of de nog steeds gapende loonkloof tussen vrouwen en mannen.

Ook voor de universiteiten – en vooral voor de vele universitaire onderzoek/st/ers met een genderexpertise – die zich in een klimaat van toegenomen competitie internationaal steeds meer moeten bewijzen, heeft het wegvallen van deze opleiding grote nadelen. Vrouwen- en genderstudies zijn intussen immers een gevestigde discipline die internationaal erkenning geniet. In de Verenigde Staten en andere Angelsaksische landen hebben de universiteiten zelf initiatieven genomen om genderstudies te ontwikkelen in hun wetenschappelijk beleid. Iedere vooraanstaande universiteit heeft cursussen en onderzoek in genderstudies. In de landen die, wat genderstudies betreft, in Europa het best scoren (Zweden, Finland, Duitsland, Nederland) hebben de universiteiten samen met de overheid een startimpuls gegeven om genderstudies te ondersteunen.

Wil Vlaanderen, net nu het de kans heeft zich te profileren temidden van de hervormingen in het hoger onderwijs (waarin o.a. gelijke kansen en diversiteit centraal staan), toch de boot afhouden? Nu al vertrekken vanuit Vlaanderen geschoolde genderexperten naar het buitenland, om daar na het afwerken van een doctoraat les te gaan geven of onderzoek te doen in goed uitgebouwde genderstudiescentra of onderzoeksgroepen, die hier in dergelijke vorm afwezig zijn. Ook studenten, wier interesse in genderstudies gewekt wordt via een aantal populaire keuzevakken (die eveneens meestal berusten op vrijwilligerswerk), moeten wegens een gebrek aan aanbod uitwijken naar het buitenland (vaak Nederland).

Wat wij vragen

De ondertekenaars van deze open brief - onderzoek/st/ers, universitair personeel, actoren uit het middenveld en de vrouwenbewegingen - willen niet dat de opleiding Vrouwenstudies in alle stilte verdwijnt. Om de broodnodige kennisontwikkeling inzake gender en de positie van vrouwen en mannen te kunnen garanderen, om Vlaamse onderzoek/st/ers vrouwen- en genderstudies op de internationale academische kaart te zetten, om de professionalisering van het gelijkekansenbeleid in al haar facetten te stimuleren en ondersteunen, om de braindrain van academici/ae en onderzoek/st/ers naar het buitenland tegen te gaan en om tegemoet te komen aan de vraag naar genderexpertise in tal van sectoren pleiten wij voor een verankering van genderstudies aan de Vlaamse universiteiten. We vragen dat universitaire en politieke verantwoordelijken hier hun verantwoordelijkheid opnemen.

Na tien jaar vrijwilligerswerk en even zoveel jaren expertise-opbouw is het tijd dat de universiteiten een engagement opnemen: als elke universiteit één voltijds equivalent personeelslid op niveau van Zelfstandig Academisch Personeel financiert, dan is de basis gelegd om onderzoek en onderwijs in genderstudies te integreren in de verschillende faculteiten en een competentiepool van genderexperten te ontwikkelen voor internationaal onderzoek en innovatie. Meteen behoort ook een nieuwe, volwaardige, interuniversitaire opleiding genderstudies op masterniveau weer tot de mogelijkheden.

Voor Sophia vzw,

Nadine Plateau (voorzitster)
Sarah Bracke (Universiteit Utrecht, Marie Curie postdoctoral fellow)
Laurence Broze (Université de Lille 3)
Karen Celis (Hogeschool Gent)
Sandrine Debunne (Franstalige coördinatrice)
Els Flour (Archiefcentrum voor Vrouwengeschiedenis)
Ada Garcia (Directrice van het Centre Femmes et Sociétés-Cap-Sciences Humaines asbl – verbonden aan de Université Catholique de Louvain)
Stéphanie Loriaux (Université Libre de Bruxelles)
Petra Meier (Vrije Universiteit Brussel)
Delphine Michel (mandataris Féderation des Etudiants Francophones)
Annemie Pernot (lid van Raad van Gelijke Kansen voor Mannen en Vrouwen)
Maria Puig de la Bellacasa (Université Libre de Bruxelles, Marie Curie postdoctoral fellow)
Sarah Scheepers (Katholieke Universiteit Leuven)
Sara S'Jegers (Nederlandstalige coördinatrice)

20 september 2006

Onderteken deze brief
Lees de update van 27 augustus 2007

Meer informatie:

Sara S'Jegers
coördinatrice Sophia vzw
info@sophia.be
02/229.38.69

Made by Rekall Design